Therapievormen

Cognitieve gedragstherapie (CGT) bij Psychocare

Wat is cognitieve gedragstherapie bij Psychocare?

Cognitieve gedragstherapie is een psychologische behandelmethode voor emotionele problemen. Cognitieve gedragstherapie is een behandeling die is voortgekomen vanuit de al langer bestaande gedragstherapie en cognitieve therapie.

In de gedragstherapie, die rond 1950 ontstond, wordt er voornamelijk gekeken naar welke gedragspatronen de problemen veroorzaken of in stand houden om deze vervolgens te wijzigen. Zo krijg je wanneer je last hebt van angstklachten vaak gestructureerde oefeningen en taken voorgeschreven, waarin je wordt geleerd om geleidelijk aan opnieuw aan situaties bloot te stellen die tot dan toe uit angst werden vermeden. In andere gevallen bestaat gedragstherapie uit het aanleren van nieuwe vaardigheden waarmee aan moeilijke situaties beter het hoofd kan worden geboden. Zo leer je wanneer je de neiging hebt om over je grens te gaan en te hard te werken hoe je ander en beter kan omgaan met deze aandrang.

In de cognitieve therapie, die rond 1960 ontstond, gaat het meer om de manier van denken die je hanteert te wijzigen, wanneer deze manier je klachten veroorzaakt of in stand houdt tenminste. Door gestructureerde taken en oefeningen krijg je duidelijk welke gedachten ten grondslag liggen aan je negatieve gevoelens. Vervolgens word onderzocht of deze gedachten waar en helpend zijn. Is dit niet het geval, dan word er gekeken welke gedachten beter zou passen bij de situatie. Depressieve mensen bijvoorbeeld, denken vaak dat ze mislukt zijn en of dat anderen hen niet mogen. Middels cognitieve therapie wordt op een gestructureerde manier onderzocht of dit werkelijk het geval is.

Cognitieve therapie en gedragstherapie kunnen heel goed in combinatie met elkaar worden toegepast. Zo kan er eerst gekeken worden naar welke gedragspatronen de klachten in stand houden, vervolgens naar welke gedachten de gedragspatronen veroorzaakte.

Voor wie is cognitieve gedragstherapie?

Voor emotionele problemen bestaan psychologische en biologische behandelingen. Zij kunnen vaak in combinatie worden toegepast. Bij de biologische behandeling van emotionele problemen kan men denken aan medicatie, maar ook aan het toe dienen van licht (bij een depressie) of voorschrijven van diëten (bij sommige eetstoornissen). Bij psychologische behandelingen gaat het altijd om speciale gespreksmethoden. Bij cognitieve gedragstherapie, wordt bovendien gebruik gemaakt van allerlei oefeningen en therapeutische taken die in de behandelkamer maar ook thuis moeten worden toegepast. Veel emotionele problemen en ziektes kunnen zowel met biologische als met psychologische methoden worden behandeld. De belangrijkste voorwaarden die aan psychologische behandeling moeten worden gesteld zijn

  1. dat iemand bereid is (al is het maar tijdelijk) uit te gaan van een psychologische verklaring voor zijn problematiek;
  2. dat iemand in staat is om aan de werkwijze van een psychologische behandeling mee te doen (enigszins van een afstand naar zichzelf kunnen kijken; naar de afspraken komen; en waar nodig therapeutische oefeningen en taken uitvoeren);
  3. dat er geen biologische behandelmethode duidelijk superieur is aan een psychologische behandeling.

In alle gevallen waar psychologische behandeling mogelijk is, kan cognitieve gedragstherapie worden toegepast. In algemene zin zijn er geen duidelijke voorbeelden waaruit blijkt dat andere psychologische behandelingen beter zijn dan cognitieve gedragstherapie: of ze werken even goed als cognitieve gedragstherapie, of cognitieve gedragstherapie is effectiever. Er zijn daarom maar weinig goede redenen om doelbewust géén cognitieve gedragstherapie toe te passen maar juist wel een ander soort psychotherapie. Zo’n keuze kan slechts zinnig zijn wanneer iemand om een of andere reden geen cognitieve gedragstherapie wil (en wel een andere psychologische behandeling) of wanneer cognitieve gedragstherapie bij die persoon eerder niet goed heeft gewerkt.

Hoe goed werkt cognitieve gedragstherapie?

De laatste twintig jaar met name zijn heel veel vergelijkende onderzoeken uitgevoerd, waarbij is nagegaan welke behandelmethode (biologisch en psychologisch) het beste werkt bij allerlei soorten emotionele problematiek. Heel vaak komt cognitieve gedragstherapie daar als effectieve psychologische behandelmethode uit naar voren.

  • Bij alle angststoornissen geldt cognitieve gedragstherapie als de meest effectieve psychologische behandelmethode. Daarnaast geldt voor posttraumatische stress stoornis eye movement desensitization and reprocessing (EMDR) als een even effectieve behandelmethode.
  • Naast interpersoonlijke psychotherapie (IPT) geldt cognitieve gedragstherapie als de meest effectieve psychologische behandelmethode voor depressie.

Een slotbedenking. Afgaande op de resultaten uit gedegen wetenschappelijk onderzoek is cognitieve gedragstherapie op dit moment zonder meer de meest effectieve psychologische behandelmethode voor een grote diversiteit aan emotionele stoornissen. Dat wil echter niet zeggen dat iedereen door middel van cognitieve gedragstherapie geheel herstelt van zijn problemen en het wil ook niet zeggen dat iedereen baat heeft bij cognitieve gedragstherapie. Geregeld herstellen mensen maar gedeeltelijk en sommige mensen gaan zelfs helemaal niet vooruit met cognitieve gedragstherapie. Bovendien kunnen ook andere psychologische behandelmethoden effectief zijn voor bepaalde personen. Het onderzoek naar het verder verfijnen en uitbreiden van psychologische behandelmethoden voor emotionele stoornissen gaat dan ook verder. Ook binnen de cognitieve gedragstherapie.

Zie meer over cognitieve gedragstherapie op de site van de Vereniging voor Gedragstherapie en Cognitieve Therapie, waar Ursula Hendriks-van den Bos lid en Supervisor van is. Voor men lid kan worden dient met eerst o.a. 200 uur opleiding gevolgd te hebben in de cognitieve gedragstherapie en 125 uur supervisie en leertherapie gevolgd te hebben, dit om de kwaliteit van het werk van de leden te kunnen waarborgen.

Als supervisor en leertherapeut houdt Ursula zich binnen Psychocare Houten  voor de VGCT zich ook bezig met het opleiden van andere psychologen tot cognitief gedragstherapeut.

EMDR bij Psychocare

Wat is EMDR bij Psychocare?

EMDR staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing. EMDR is een behandelmethode die vaak wordt toegepast als iemand last heeft van een traumatische gebeurtenis. Dit kan o.a. zijn na een overval, verkrachting, natuurramp of pestervaring. Het kan de enige interventie zijn (vaak bij eenmalig trauma als een overval) of onderdeel uitmaken van een therapie waarin een breed scala aan interventies wordt toegepast (bijvoorbeeld bij mensen met een misbruikverleden). De toepassingsgebieden van EMDR zijn de laatste jaren uitgebreid naar andere psychische klachten zoals een negatief zelfbeeld of een paniekstoornis. Het is hierbij van belang dat er een duidelijk aanwijsbare herinnering bestaat aan een of meerdere gebeurtenissen die geleid hebben tot de klachten.

EMDR is ontdekt door Francine Shapiro. Ze kwam bij toeval tot de ontdekking dat wanneer ze werd afgeleid terwijl ze aan een heftige negatieve gebeurtenis dacht, de emotionele lading uiteindelijk afnam en ze het minder naar vond om er aan terug te denken. Daarna is de behandelmethode verder uitgewerkt en onderzocht.

Iedereen verwerkt ingrijpende ervaringen op een andere manier. Ook de duur van herstel na een ingrijpende gebeurtenis verschilt per persoon. Soms blijft iemand last houden van klachten als herbelevingen, nachtmerries, concentratieproblemen, schrikachtigheid en slaapproblemen na een trauma. EMDR kan dan helpen het natuurlijke verwerkingsproces weer op gang te brengen.

Wanneer wordt EMDR toegepast?

Met name bij Posttraumatische stresstoornis en andere traumagerelateerde angstklachten. Dit zijn klachten die zijn ontstaan als direct gevolg van een nare of heftige gebeurtenis, waarbij het denken eraan nog steeds een emotionele reactie oproept.

Werkt EMDR?

De effecten van EMDR zijn uitvoerig onderzocht. Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat het effect aanzienlijk is. Zeker wanneer het gaat om een enkelvoudig trauma (trauma na een eenmalige gebeurtenis) zijn soms enkele sessies al afdoende om van de klachten af te komen. Bij mensen die langdurig trauma hebben meegemaakt of complexere problematiek duurt de therapie over het algemeen langer. Vaak merk je na de therapie dat de herinneringen minder emotionele lading geven en je er dus ook minder last van zal hebben; de herbelvingen en nachtmerries nemen af, je slaapt beter en voelt meer rust.

Hoe werkt EMDR?

Er wordt momenteel veel onderzoek gedaan naar de werkingsmechanismen van EMDR. De meest recente onderzoeken geven aanwijzingen dat het te maken heeft met de werking van het korte termijngeheugen. Een traumatische herinnering ligt opgeslagen in je lange termijngeheugen, samen met de emotionele lading. (Wanneer je bijvoorbeeld denkt aan de overval, voel je je direct weer angstig en misselijk.) Wanneer je tijdens de EMDR gevraagd wordt om terug te denken aan die specifieke gebeurtenis, breng je de herinnering weer in je korte termijn (of werk-) geheugen. De capaciteit van dit werkgeheugen is echter maar beperkt. Omdat je tegelijkertijd een afleidende stimulus (oogbewegingen of klikjes via een koptelefoon) krijgt toegediend, is er onvoldoende ruimte voor én het herinneringsbeeld, én de emotionele lading. De emotionele lading zal dus verminderen, of het beeld wordt minder scherp. Zo wordt het weer opgeslagen in je lange termijngeheugen waardoor je er minder last van zult hebben.

Zijn er ook nadelen aan EMDR? Vaak zal je na een sessie nog last kunnen hebben van wat “bijwerkingen”. Er kunnen dan beelden of gevoelens opkomen en je kunt je wat instabiel voelen. Dit duurt in de regel niet langer dan 3 dagen. Daarna is er een nieuwe balans ontstaan. Pas dan kan worden geevalueerd wat het effect is geweest van de EMDR sessie. Voor meer informatie kun je terecht op de website van de Vereniging EMDR.